Iedereen zijn eigen boek

Geplaatst op 08.04.08

2


Elke keer als ik in de plaatselijke Courant weer een recensie lees van een boek dat door een regionale schrijver is uitgebracht, voel ik de jalousie zacht knabbelen in mijn maag. Ik wil direct op de fiets stappen en naar de plaatselijke boekhandel racen. Om te kijken. Wie. Gaf. Dit. Uit?

En willen ze mij ook hebben?

Even een omweg.

In 2007 organiseerde uitgeverij Penguin een democratisch literair experiment. Iedereen met een computer en een internetverbinding kreeg de mogelijkheid mee te schrijven aan een collectief online verhaal. Je ziet dat wel vaker, collectieve verhalen. Ik blijf er altijd ver bij weg, want de vraag is of goedwillende amateurs een beter product leveren als ze het met zijn heel velen doen. Uiteindelijk blijven het goedwillende amateurs. Daartussen zitten waarschijnlijk begenadigde schrijvers. Maar wie zegt dat de bijdragen van die begenadigde schrijvers niet gewist worden door hun minder begenadigde collega’s? Elke stem is in een democratie namelijk even belangrijk. Maar juist de minder begaafden laven zich het liefst aan hun eigen zon.

Ik las over dit experiment in een boek van Andrew Keen, dat The Cult of the Amateur heet en handelt over Web 2.0 met zijn blogs en zijn youtubes en zijn ‘iedereen een eigen platform’ technologie. Velen zeggen dat het nieuwe internet de wereld een interessantere plaats maakt, juist omdat iedereen een platform heeft. Keen zegt: web 2.0 is niks anders dan een bak vol luidruchtige, zelfvoldane oppervlakkige massa. Interessante kerel, die Keen.

Laten we het in dit kader eens over printing on demand hebben. Printing on demand is bloggen op papier: je schrijft een boek en omdat geen uitgeverij het wil uitgeven, trek je zelf de portemonnee en laat je het drukken. Worden mensen rijk van. Meestal niet de schrijvers. Tenminste, niet de schrijvers die geen Sonja Bakker heten. Bij hen profiteert met name de printing-on-demand-uitgever. Hij speculeert op de ijdelheid van al die hobbyschrijvers. En op stevige zolders, waar al die dozen ongelezen boeken komen te staan.

Minus dat ene stapeltje in mijn plaatselijke boekhandel. Want dat is zo sympathiek, een lokalo, tussen de Coelho’s en de Kluun’s.

En van dat stapeltje pak ik dan even snel de bovenste. Om tot mijn spijt te constateren dat er een probleempje ontstaat als de schrijver zelf de enige persoon is die de lezer kan behoeden voor prutswerk. Niemand is zijn eigen beste criticus. Ook de nieuwste regionale held niet. Teleurgesteld leg ik het boekje dan weer terug op de stapel. Daarna zucht ik mistroostig.

Deze uitgever zal me vast willen hebben. Maar ik vertrouw mijn innerlijke criticus voor geen meter.

Die is veel te luidruchtig, zelfvoldaan en oppervlakkig.

Zegt het voort:
  • email
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • eKudos
  • Digg
  • Print