ralphp.nl

Hoe lang nog?

Door de nieuwe draaipoort liepen we het terrein van mijn voetbalvereniging op.
‘Hoe lang moeten we blijven?’ vroeg Sophie.
Het scorebord gaf aan dat er achttien minuten gespeeld waren.
‘Nog heel lang,’ zei ik.
Ze stampte met een voet op de grond en zei: ‘Nou!’
‘Er is ook een speeltuin,’ zei ik.
Ze keek om zich heen. ‘Ja, die wipkippen zeker!’
Lotte lachte.
‘Nou!’ zei Sophie en ze stampte nog eens. Iets harder nu.
Ik knikte. ‘En anders gaan jullie een hut maken in de bosjes.’

Het was druk en zonnig langs de lijn. Na een paar minuten kwamen Lotte en Sophie me allebei hun jas brengen. ‘Je mag ‘m ook wel over het hek hangen hoor pap,’ zei Lotte.
‘Dank je,’ antwoordde ik.

Met de mannen van het derde evalueerde ik kalm de verrichtingen van het eerste op het nieuwe kunstgras. Ze werden kansloos weggetikt maar kwamen wel op voorsprong. Naast ons stond Ben. ‘Als ze dit niet winnen, ligt het aan de scheids,’ riep Ben tegen iedereen die in zijn buurt kwam. Dat riep hij in onze tijd ook al wanneer wij kansloos werden weggetikt en dat vonden we toen troostrijk.

Sophie kwam een schrammetje op haar voet laten zien. ‘En Lotte duwde me.’
Ik gaf haar een kus.
‘Scheids!’ riep Ben. Sophie keek hem verwonderd aan. Ben zag het niet. Hij maakte een wegwerpgebaar. Sophie rende weer naar Lotte, ze verdwenen de bosjes in.

Tijdens de rust begonnen de sproeiers zonder aankondiging te sproeien. Als ruitenwissers bewogen de waterstralen heen en weer over het veld. De wind blies de dikke sproeinevel terug naar de zijkant van het veld. De toeschouwers die de wind in het gezicht hadden, zochten een goed heenkomen achter het doel, bij de koffietafels. Lotte en Sophie liepen met grote ogen juist tegen de stroom mensen in. Ze zochten positie achter één van de sproeiers. Een teammaat van het derde stootte me aan. Ik keek naar de strakblauwe hemel. ‘Droogt vanzelf weer,’ zei ik.

Toen de spelers het veld weer op kwamen, gingen de sproeiers met een halfslachtig proestje weer uit. Lotte en Sophie lachten en deden het geluid na. Het klonk alsof ze moesten overgeven. De toeschouwers kwamen er weer aan en Lotte en Sophie renden terug naar hun bosjes.

Ik dronk mijn koffiebeker leeg en zocht mijn plek bij het hek weer op. Ben zei dat hij hoopte dat de scheids nu beter zou fluiten.

About the author

Comments are closed.