Brief aan 2009

Geplaatst op 27.12.09

5


Dag 2009,

Na een intense tijd samen ziet het er naar uit dat onze wegen gaan scheiden. Wie had dat gedacht. We leken verstrengeld in een eindeloos gevecht. Ik kijk naar je en ik kan je nog steeds niet zo goed inschatten. Ben je hard of zacht? Boos of vergevingsgezind? Bang of nieuwsgierig? Geef je de mensen om je heen het gevoel dat er een wereld te winnen is, of laat je ze voelen dat uiteindelijk alles stuk zal gaan? Ik ken je nu bijna een jaar en ik zou iets van een balans moeten kunnen opmaken. Wat ik op zijn minst kan zeggen is dat onze relatie een turbulente is.

Ja, 2009, ik vind je maar een ingewikkelde jongen. Zo ingewikkeld dat ik me afvraag of je misschien niet toch een meisje bent. Of wacht. Meisjes zijn helemaal niet ingewikkeld. Tenminste, die ene die jij via mijn lief op mijn pad bracht, is dat niet. Ze is doorzichtig en open en eerlijk en wijs. En veertien. Misschien is ze een uitzondering, beste 2009, want ik kan me herinneren dat een van je oudere broertjes, ik denk dat het 1989 is, veertienjarige meisjes voortbracht die gesloten deuren en vette lagen cynisme op me afvuurden. Maarja. Toen was ik zelf ook veertien. Misschien dat het dat is. Twintig jaar later lijkt het er op dat ik gegroeid ben, zodat ik niet alleen haar ironische wenkbrauw kon weerstaan, maar haar simpelweg in mijn hart kon sluiten.

En weet je, 2009, ik dank je voor de ruwzachte manier waarop je me behandelde. Vroeger had je die vreemde reclame. ‘Grodino, bitterzoet en sprankelend’. Dat snapte je pas als je een slok van het drankje nam. Zo snap ik nu pas de betekenis van ruwzacht. Ruwzacht is de manier waarop een beer met zijn jong stoeit. Er zit peilloos diepe liefde in zijn aanrakingen, maar ook net teveel kracht, zodat de kleine beer leert om zelf zijn balans te herstellen.

Dat deed jij ook, 2009. Je raakte me aan, je liet me zien hoe ik lief kan hebben: het leven, de mensen en de kleuren en smaken in dat leven, mezelf. Je liet me mijzelf opnieuw uitvinden, als vader, als man, als zoon, broer, geliefde. Je gaf me een vrouw die naast me wil lopen, die dingen voor me wil doen, wil laten, die vecht en huilt, die bemint en lacht, die soms over me waakt en net zo vaak bij me weg kruipt en om mijn beschutting vraagt. Je gaf me de liefde van mijn twee kinderen die zich steeds meer lieten zien, die mij opnieuw moesten uitvinden, en dat met verve deden. Als er een top drie zou zijn van geluk dat jij me bracht, doet de nieuwe relatie met mijn dochtertjes mee voor de toppositie. Je gaf me boeken en muziek, vrienden en familie. Je gaf me ook nieuwe mensen, mensen die bij me blijven, inclusief drie jonge mensen van wie ik ben gaan houden.

Maar ook gaf je me zetjes. Soms een zetje zodat ik me licht schuurde, soms liet je me struikelen als ik dacht dat ik er bijna was, dat voelde als herinnering aan de weg die oneindig is, we mogen niet achterover leunen. Soms duwde je me achterover in wat een diepe zwarte afgrond leek, waar geen ontsnappen mogelijk was. Maar dan zorgde je er altijd voor dat er mensen bij me waren in dat donker, mensen die me overeind hielpen, mijn butsen en deuken oplapten, en het licht weer aandeden, waarna ik zag dat ik niet in een zwart gat was gedonderd, maar in een nieuwe versie van mezelf, helderder, duidelijker. Knisperender. Kwetsbaarder. Nóg meer op zoek.

Dat is wat je me nog het meest hebt bijgebracht, 2009. Dat het voor ieder mens noodzaak is te blijven zoeken, altijd. Dat er geen status quo bestaat, dat alles stroomt. Dat stilstaand water vervuild raakt. Dat de regels van het spel niet bestaan, dat ‘hoe je behoort te leven’ een verzinsel is van alle anderen, wat ze gebruiken als excuus om stil te blijven staan. Om niet het onbekende te hoeven zoeken, het bekende dat knelt achter te laten. Je hebt me geleerd dat leven bewegen is, 2009, en daar ben ik je dankbaar voor. Alleen zij die bewegen kunnen voor anker in zichzelf. En, 2009, je hebt me geleerd om zonder cynisme zulke zinnen te wauwelen zonder dat ik mezelf van schrik tegen een muur gooi. Ook dat is pure winst.

Beste 2009. Je was voor mij een spiegel. Soms beviel het me wat ik zag, even zo vaak schrok ik, of schaamde ik me. Maar ik kan nu alleen maar zeggen dat ik blij ben dat ik je heb leren kennen, dat ik je dankbaar ben, omdat je niet met me meepraatte, me niet alleen het mooie en schone liet zien, me geen gespreid bedje leverde waar alle troep onder was verstopt, maar me zelf mijn weg liet zoeken, me zelf de hobbels liet bedwingen en tegen muren liet rennen. Daardoor kreeg ik ook de mogelijkheid hoger te zweven en dieper te voelen. Met haar. Vooral met haar. Dank daarvoor, 2009. Ik zal je niet snel vergeten.

Ik zal 2010 over je vertellen.
Ralph

Zegt het voort:
  • email
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • eKudos
  • Digg
  • Print